De politie in Noord-Nederland komt structureel zo’n 200 agenten tekort. Vooral de opsporing wordt hard geraakt: daar is slechts 80 procent van de functies ingevuld. Basisteams draaien op 95 procent, maar ook daar is de werkdruk voelbaar. Door het tekort blijven zaken liggen en lopen onderzoeken vertraging op. Zo blijven aangiftes van fietsendiefstal of inbraak soms langer op de plank liggen, omdat rechercheurs eerst capaciteit inzetten op zware criminaliteit. Ook kan het langer duren voordat nieuwe sporen worden opgepakt. Agenten moeten daarom keuzes maken in wat ze wel en niet doen. Zware zaken zoals ondermijning, overvallen en oplichting krijgen voorrang. Dat gaat ten koste van kleinere, maar veelvoorkomende delicten die voor inwoners juist zichtbaar zijn. Het tekort zit niet in de instroom, maar in de opbouw van het personeelsbestand. De eenheid heeft relatief veel oudere medewerkers en weinig uitstroom. Nieuwe agenten zijn er wel, maar het duurt jaren voordat zij het gat vullen. Tot die tijd blijft de politie keuzes maken.
Bron: rtvnoord.nl
